Dutch English French German Spanish

Religie  de Islam

‘La ilaha illa Allah. Muhammudu rasulu Allah.’ ‘Er is niets goddelijks behalve God. Mohammed is zijn profeet.’ Dit is de geloofsbelijdenis, de shahada, de eerste en belangrijkste van de vijf pilaren of verplichtingen van de islam, de godsdienst van Marokko. Het woord ‘islam’ betekent letterlijk ‘overgave aan de wil van God’. Vijfmaal per dag moet de islamiet bidden en hij spreekt dan de shahada uit. Voorafgaand aan het gebed worden eerst gezicht, voeten en armen gereinigd. Het ritueel van het bidden, de salat, is de tweede pilaar. Vanaf de minaret wordt aangekondigd wanneer het tijd is voor de salat. De overige drie verplichtingen of pilaren zijn het geven van aalmoezen aan de armen ofwel de plicht tot zakat, het vasten tijdens de heilige maand ramadan, saum genaamd, en de hadj, de bedevaart naar Mekka. Deze vijf pilaren of verplichtingen staan in de koran, de heilige schrift van de islam, die in de 6e eeuw werd opgetekend door de profeet Mohammed.

De religie in Marokko is voor 98,7% soennitisch islamitisch, 1,1 % christelijk en 0,2% joods.

 
 Image
  graf van de profeet
 

 

 Image
  marabout

Witte Koubbas en Moussems

Pelgrims beschouwen heiligen als wijze mannen (hoewel er ook een paar vrouwen waren) of artsen, en ze gaan dan ook naar hun koubbas of marabouts (tomben) voor advies of genezing. Sommige mensen binden stroken stof aan de tralies van een tombe, om zo hun overeenkomst met de heiligen te bevestigen. Anderen zetten olie in de tombe, zodat die zich vermengt met de baraka (zegen) van de heilige en vervolgens gebruikt kan worden om een zieke te genezen. Vooral vrouwen gaan naar marabouts voor hulp en advies.

Rondom bepaalde heiligen zijn broederschappen van de Sufi ontstaan. De tombe wordt in dat geval zaouia genoemd. De belangrijkste zaouia’s (broederschappen) in Marokko zijn de Aïssaoua in Meknes, de Gnaoua en de Regraga in Essaouira, de Taibia in Ouezzane en de Raissounia in Chefchaouen.

De geboortedag van een heilige wordt gewoonlijk gevierd met een festival, moussem genaamd, dat bestaat uit een aantal dagen feesten en bidden. 




De hand van Fatima

Het ‘boze oog’ is de benaming voor uiteenlopende vervloekingen, meestal opgelegd door iemand die jaloers is. Als onderdeel van de populaire islam doen veel Marokkanen (vooral de traditionelere Berbers) grote moeite om aan deze bezweringen te vermijden. Zo hoor je een moeder nooit zeggen dat ze een mooie baby heeft, want te veel schoonheid of geluk trekt het boze oog aan. Moeders beschermen hun baby door een amulet, een ‘hand van Fatima’ om de hals van hun kind te hangen (Fatima was Mohammeds dochter). Dit kan een leren zakje met daarin verzen uit de Koran zijn, of een blauwe kraal. Men gelooft dat zelfs het mooiste kleed een oneffenheidje zou moeten hebben, en daarom weven de Berbers er traditioneel eentje in.

 
Image
  hand van Fatima